'Op Stapper' Henri Vinke over zijn ervaring tijdens dit leertraject

Henri Vinke is een van de ‘Opstappers’ bij Zorggroep Drenthe. Hij vertelt over zijn ervaringen tijdens Op Stap leertraject.

 

Wat deed je voordat je begon aan Op Stap? En hoe ben je bij Op Stap terecht gekomen?
In 2012 werkte ik ook al bij Zorggroep Drenthe. Ik regelde de boodschappenservice en alles voor de uitbrengmaaltijden. Maar dat werd overgenomen door maaltijdservice Van Smaak en toen ben ik gaan werken bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). Daarna heb ik bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) gewerkt en ook nog een tijdje als taxichauffeur. Tijdens mijn ritten kwam ik ook regelmatig bij De Vijverhof langs. Daarna ben ik bij Joyce House gaan werken. Dat is een kleinschalig organisatie voor jonge mensen met een beperking. Tijdens de Corona periode liep mijn contract ten einde en Zorggroep Drenthe zocht collega’s in De Vijverhof. Mijn keuze was snel gemaakt en ik ging als zorgbegeleidingsassistent aan de slag. Dit deed ik op de psychogeriatrische (PG) afdeling in De Vijverhof. Deze functie zou mogelijk niet lang meer bestaan binnen Zorggroep Drenthe. Daarom heb ik ervoor gekozen om via het Op Stap traject Helpende Zorg & Welzijn te worden. Ik vind het ontzettend leuk om met mensen te werken. Dat is in al mijn banen belangrijk geweest. Dat ik nu door Op Stap ook nog zorg kan verlenen aan mensen vind ik erg mooi.

Wat is het meest waardevolle dat je hebt geleerd tijdens dit programma?
Dat je veel aan je medemens – of in dit geval – aan mijn klasgenoten kunt hebben. Ik ben gestart in de eerste groep van Op Stap. Maar ik ben toen erg ziek geworden. Mijn klasgenoten stuurden toen de lesstof en het huiswerk naar mij. We hebben nu nog steeds contact. Het is heel prettig om te weten wat je aan elkaar hebt. Dat vind ik ook zo mooi aan Op Stap. Je wordt heel hecht als groep en je doet het echt samen. Dat merkte ik toen ik ziek werd en later toen ik in tweede groep van Op Stap kwam. De verandering van groep ging erg makkelijk. Ook die groep werd weer erg hecht.

Verder vond ik het ontzettend waardevol dat er gastlessen gegeven werden. Zo gaf Jan een gastles. Jan is een oudere man wiens vrouw dementerend is. Hij gaf ons tips. Die komen dus direct van een naaste en die heeft daar een totaal andere kijk op. Dat is anders dan de theorie die je leert of hoe je er zelf naar kijkt. Erg leerzaam! We hebben meerdere gastlessen gehad.

Hoe vond je het om theorie en praktijk te combineren?
Ik had al heel lang niet meer in de schoolbanken gezeten en zag er wel een klein beetje tegenop. Achteraf viel het enorm mee. Het was wel even wennen om weer te studeren. Ik moest weer op zoek naar een stok achter de deur om de boeken erbij te pakken. Het was ook zoeken naar de juiste balans qua werk, school en privé. Je bent thuis al gauw met huiswerk bezig. Ik vond het wel eens lastig om thuis ook mijn ontspanning te vinden. Na verloop van tijd ging dat allemaal heel goed.

Hoe zag een schooldag eruit?
Een dag per week kregen we les in het opleidingscentrum van Zorggroep Drenthe. Daar les krijgen hielp mij om te richten op het schoolwerk. Na de lessen had je altijd de mogelijkheid om langer te blijven. Je kon je huiswerk maken of elkaar daarbij helpen. De samenwerking met de docenten vond ik ook prettig. Wanneer ik een vraag had kon ik hen gewoon een berichtje sturen. Vaak kreeg ik dan dezelfde dag nog een reactie. Na mijn ziekte had ik last van concentratieproblemen, maar de docenten vonden het nooit een probleem om mij extra te helpen. Ze namen veel tijd voor je.

Ik heb ook veel aan mijn dochters gehad. Zij hielpen mij vaak met het typen van huiswerk of verslagen. Ik typ maar met twee vingers dus dat had mij veel meer tijd gekost.

Wat vond je van de lessen tijdens Op Stap?
De lessen vond ik erg interessant. Zo was er een collega die kwam vertellen over slikproblemen bij ouderen en ervaringen deelde. Zo heb ik onder andere geleerd dat een rietje juist niet handig is voor bewoners met deze problemen.

We hebben ook les in valpreventie gehad. Als ik nu bij een bewoner in de kamer kom let ik altijd op bijvoorbeeld snoeren of hoeveel ruimte er is om te lopen. Dat heb ik ook als ik bijvoorbeeld bij mijn schoonouders kom. Ik kijk ineens naar verbeterpunten op dat vlak. Dit soort lessen vind ik erg leerzaam. Je leert op een andere manier naar dingen kijken.

Naast de lessen leer je ook ontzettend veel in de praktijk van je naaste collega’s. Zij hebben waardevolle tips over het uitvoeren van bepaalde handelingen. Zonder deze collega’s had ik de opleiding misschien niet gehaald. Het mooie aan Op Stap vind ik dat het opleiden meer op de werkvloer plaatsvindt dan in de klas.

Je hebt tijdens het traject gewerkt in de zorg en ook in welzijn. Wat vind je het leukst om te doen?
Ik vind een combinatie van beide het allermooiste. Ik zou niet alleen maar zorgtaken willen doen. Het spelen van spelletjes, dansen, fietsen of wandelen met bewoners; dát vind ik juist zo leuk aan mijn werk!

Hoe ziet jouw werkdag eruit als Helpende Zorg & Welzijn?
Mijn werkdag start ’s ochtends om kwart over zeven. We starten met een overdracht van de nachtdienst en daarna start de ronde. De ronde bestaat uit het wassen en aankleden van bewoners. In het begin was dat wel even schakelen, maar inmiddels ben ik eraan gewend. Ik had voordat ik aan Op Stap begon natuurlijk een totaal ander takenpakket.

Als alle bewoners rond 10 uur uit bed zijn, gaan we koffiedrinken. Om half 11 gaan de bewoners die dat nog kunnen naar beneden voor welzijnsactiviteiten. Ik blijf dan vaak op de huiskamer bij de overige bewoners. Vaak kletsen we, spelen we een spelletje of kijken we samen wat televisie.

Rond half 12 gaan we aan tafel. Daarna gaan veel bewoners even rusten. Rond half 3 zijn er welzijnsactiviteiten op de begane grond. Op vrijdag is Koersbal vaste prik. Soms ga ik ook mee naar beneden en anders blijf ik op de huiskamer. Tussendoor verleen je steeds zorg, bijvoorbeeld wanneer bewoners naar het toilet moeten.

Wat vind je leuk aan het werken in zorg en welzijn?
Dat je zo gewaardeerd wordt. Bewoners hebben je nodig en dat is een heel bijzonder gevoel. Ze zeggen soms ook wel eens "je bent ons collectieve geheugen", dat vind ik heel mooi. Het werk is ook wel eens pittig. Zo is er een bewoner op de afdeling die erg gehecht is aan mij, omdat ik er bijna iedere dag ben. Ik ben een vast gegeven in haar leven geworden. Zelfs als er familie is, is ze altijd op zoek naar mij. Dat vind ik soms wel eens moeilijk voor de familie, omdat ze hen dan bijna of helemaal niet meer herkent. Ik werk nog steeds op de PG-afdeling in De Vijverhof, dat vind ik de mooiste afdeling.

Zou je hierna nog verder willen leren in de zorg?
De Helpende plus opleiding zou ik nog wel willen volgen. Dan mag je bijvoorbeeld ook medicijnen delen. Ik zou niet als Verzorgende IG verder willen omdat de welzijnstaken dan meer naar de achtergrond verdwijnen.

Heb je een advies voor mensen die twijfelen om de stap naar de zorg te maken?
Als je twijfelt, kijk dan eens naar de mogelijkheid om een of twee dagen mee te lopen op een afdeling. Dan zie je wat het werk inhoudt en of het iets voor je is. Ik hoor van veel – met name Op Stap - collega’s dat ze eerder naar de zorg waren overgestapt als ze hadden geweten wat werken in de zorg inhoudt.